Tekentherapie :: Een ervaring
Een deelneemster van het introductie-uur tekentherapie op de Dag van de Hoogbegaafdheid (juni 2003) in Wijchen schreef:
We begonnen met 5 minuten rondjes tekenen, Wendy vroeg op te letten wat je gevoel er bij was. Ik begon aarzelend, want wat moet je nu voelen, wat zeggen de anderen straks, wat wordt er verwacht, geen flauw idee, het voelde ongemakkelijk. Toen werd ik wat paniekerig, want ik voel niets, probeer wanhopig te bedenken wat ik zou kunnen voelen, intussen malen mijn hersenen.
Ik kan zeggen dat het een tunnel lijkt, lachen ze me daar niet voor uit, misschien hebben anderen we veel betere dingen, ik kan zeggen dat ik wil verdwijnen in de tunnel dan zeggen anderen misschien dat ik weg wil lopen voor dingen, of wil verdwijnen. Wil ik dat? Nee eigenlijk niet dus ik zeg dat niet, dat voel ik ook niet echt, want ik dacht alleen maar wat als ik zeg dat het een tunnel lijkt.
Gelukkig werd ik wat rustiger, het monotone gekras van de andere deelnemers klinkt aangenaam, ik wil niet opkijken hoe anderen het doen, het lijkt dan of je ze stiekem bespied, toch ben ik wel nieuwsgierig of anderen het raar of stom vinden, zouden ze net als ik niets voelen?
Ineens wordt het me duidelijk, ik kijk altijd eerst naar anderen, probeer te weten te komen hoe anderen zich voelen en wat ze zeggen en pas me daar bij aan. Natuurlijk heb ik mijn eigen meningen en opvattingen, maar als de gelegenheid er niet is houd ik ze voor me. Overdonderd heb ik maar gezegd dat ik niets voelde, want ik kon het niet zo snel uitleggen, en ik verbaasde me dat ik tot zoveel inzicht kwam door rondjes te tekenen. Misschien heb ik wel vaker gezegd dat ik een aanpasser was, dat werd op dat moment van me verwacht dat ik het zei, maar nu heb ik gevoeld dat het zo is.
De tweede tekening waren ook rondjes, maar nu van binnen naar buiten, ik was apart gaan zitten omdat ik net op de rand van twee tafels zat, achteraf vond ik het prettiger om alleen , apart te zijn, kan me dan beter concentreren, en kan dan ook niet zo op anderen letten, de verbazing van de eerste tekening speelde nog door mijn hoofd, en mijn gedachten bleven daar ook op hangen.
De derde tekening werd op het bord voor getekend als een liggende acht, geestdriftig begon ik maar het voelde niet prettig, misschien wilde ik nog wel even in mijn hoofd die gedachten van de eerste tekening door laten sijpelen. Ik draaide het papier om en maakte een staande acht, dat werkte prettiger, moest wel meteen ook aan mijn kind denken, die doet het ook op zijn manier, poeh, dat heeft hij dus van geen vreemde.
Eigenlijk raar dat ik dat doe, zal ik weer terug gaan naar de andere kant, haal denkbeeldig mijn schouders op, Nee dat doe ik niet, mijn god dat kind van mij doet het soms ook niet, vertikt het gewoon op een manier te werken die anderen voor hem bedenken.
Stilletjes verlaat ik de zaal, ik heb niet zoveel gevoeld, een traantje glipt uit mijn ooghoek, er is nog veel leed verborgen, en ik denk dat tekentherapie me dieper in mijn eigen gevoel zal brengen, maar dat is ook wel eng.