Podium :: Gedichten :: Liewe (12 jr.), dec. '06
Ik
Wat ben ik,
Wie ben ik,
En wat doe ik,
Droom ik?
Of is dit echt en is de rest een droom.
En wat ben ik,
Een alien,
Vermomt als mens,
Of denk ik dat gewoon.
En wie ben ik dan?
Een maffe dichter?
Of doodgewoon een jongen van twaalf,
die kan dichten.
Gedicht
Soms denk ik,
Aan dat ik iedere seconde dood kan gaan,
En dan denk ik,
Wat is het toch een wonder,
Dat ik al die secondes,
Voor dit moment,
Heb overleeft.
Ben ik nu een wereldwonder?
Of gewoon een maffe dichter,
Die te veel denkt.
Dichten
Als ik een gedicht,
Simpel bedacht en opgeschreven,
Aan iemand horen laat,
Krijg ik zachte complimentjes,
Omdat ik zoiets heb verricht,
Maar wat is er zo moeilijk aan,
Je haalt het in je hoofd,
Schrijft de zinnen op,
Met komma’s in plaats van punten,
Wat is daar zo lastig aan,
Denk ik dan,
Ik,
Als maffe dichter.
"bewustzijn"
Wie ben "ik",
Of wie zijn "wij",
Ben ik Liewe,
Of zijn wij de hersenen,
Van het lichaam Liewe,
Of doodgewoon,
Beiden.
De wereld
Wat is de wereld nou eigelijk?
Een groot spel,
Met ons als pionnen,
En alle hoge ministers en presidenten als spelers,
En dit allemaal,
In de ogen,
Van een maffe dichter.
Moeten
Wat moet nou eigelijk,
Niks,
Achter alles wat je doet,
Zit een wil,
Kijk maar naar jezelf.
Ochtendsmart
Neem eens een moment in je leven,
Waarop je al je zorgen vergeet,
Een moment van rust en vrede,
Vol liefde en smart,
En beleef het,
Deze ochtend.
Denken
Kijk eens uit het raam,
Wat zie je daar?
Bomen,
Of grote planten,
Of misschien wel aliens,
Maar wat je daar ook ziet,
Je denkt het.
Kleuren
Kijk eens naar dit vel papier,
Wat voor kleur heeft het?
Wit.
Maar misschien ziet een ander ook wit,
Alleen is de kleur die hij ziet,
Voor jou wel blauw als jij hem ziet.
En de kleur die jij ziet,
Is als hij hem ziet voor hem wel rood.
Maar voor jullie allebei,
Is het doodgewoon,
Wit.