Signalen :: Profielen

Profielen van hoogbegaafde leerlingen.

Door Betts & Neihart (1988) is een indeling gemaakt van profielen van hoogbegaafde leerlingen. Deze indeling is gebaseerd op jarenlange praktijkervaring in begeleiding van hoogbegaafde leerlingen in het onderwijs. In hun omschrijving geven Betts & Neihart niet alleen aan werk gedrag kenmerkend is voor de betreffende categorie, maar ook welke begeleiding van school uit gegeven zou moeten worden. Zij komen tot zes typische profielen. Deze zijn in de volgende tabel weergegeven:

Profielen van hoogbegaafde leerlingen
  gedragskenmerken herkenning begeleiding van school
 
Profiel I

de succesvolle leerling
• perfectionistisch
• goede prestaties
• zoek bevestiging van de leerkracht
• vermijdt risico
• accepterend en conformerend
• afhankelijk
• schoolprestaties
• prestatietests
• intelligentietests
• nominatie door leerkracht
• versneld en verrijkt curriculum
• ontwikkelen van persoonlijke interesses
• vooraf testen, uitsluitend leerstof die nog niet beheerst wordt: leerstof inkorting
• contact met ontwikkelingsgelijken
• ontwikkeling van vaardigheden voor zelfstandig leren
• mentor
• begeleiding van school- en beroepsloopbaan
 
Profiel II

de uitdagende leerling
• corrigeert de leerkracht
• stelt regels ter discussie
• is eerlijk en direct
• grote stemmingswisselingen
• vertoont inconsistente werkwijzen
• slechte zelfcontrole
• creatief
• voorkeur voor activiteit en discussie
• komt op voor eigen opvattingen
• competitief
• nominatie door medeleerlingen
• nominatie door ouders
• interviews
• geleverde prestaties
• nominatie door volwassene buiten het gezin
• creativiteitstests
• tolerant klimaat
• zoveel mogelijk bij passende leerkracht plaatsen
• cognitieve en sociale vaardigheden trainen
• directe en heldere communicatie met de leerling
• gevoelens toestaan
• mentor
• zelfwaardering opbouwen
• gedrag besturen met contracten
• verdieping
 
Profiel III

de onderduikende leerling
• ontkent begaafdheid
• doet niet mee in programma's voor meer begaafde leerlingen
• vermijdt uitdaging
• zoekt sociale acceptatie
• wisselt in vriendschappen
• nominatie door begaafde medeleerlingen
• nominatie door ouders
• prestatietests
• intelligentietests
• prestaties
• begaafdheid herkennen en adequaat opvangen
• niet participeren in speciale activiteiten toestaan
• sexe-rol modellen geven (vooral meisjes)
• doorgaan met informeren over opleidings- en beroepsmogelijkheden
 
Profiel IV

de drop-out
• neemt onregelmatig deel aan onderwijs
• maakt taken niet af
• zoekt buitenschoolse uitdaging
• verwaarloost zichzelf
• isoleert zichzelf
• creatief
• bekritiseert zichzelf en anderen
• werkt inconsistent
• verstoort, reageert af
• presteert gemiddeld of minder
• defensief
• analyse van verzameld werk
• informatie van leerkrachten uit het verleden
• discrepantie tussen intelligentiescore en geleverde prestaties
• inconsistenties is prestaties
• creativiteitstests
• nominatie door begaafde medeleerlingen
• geleverde prestaties in niet-schoolse settings
• diagnostisch onderzoek
• groepstherapie
• niet-traditionele studievaardigheden
• verdieping
• mentor
• niet-traditionele leerervaringen buiten de klas
 
Profiel V

de leerling met leer- en/of gedragsproblemen
• werkt inconsistent
• presteert gemiddeld of minder
• verstoort, reageert af
• sterk uiteenlopende resultaten op onderdelen van een intelligentietest
• herkenning door relevante anderen
• herkenning door leerkracht met ervaring met onderpresteerders
• interview
• wijze van presteren
• plaatsing in programma voor begaafden
• voorzien van benodigde bronnen
• niet-traditionele leerervaringen
• begin met onderzoek en ontdekkingen
• tijd met ontwikkelingsgelijken doorbrengen (niet persé leeftijdgenoten)
• individuele begeleiding
 
Profiel VI

de zelfstandige leerling
• goede sociale vaardigheden
• werkt zelfstandig
• ontwikkelt eigen doelen
• doet mee
• werkt zonder bevestiging
• werkt enthousiast voor passies
• creatief
• komt op voor eigen opvattingen
• neemt risico
• bereikte schoolresultaten
• produkten
• prestatietests
• interviews
• nominatie door leerkracht, klasgenoot, ouders, zichzelf
• intelligentietests
• creativiteitstests
• ontwikkelen van een lange-termijn plan voor studie
• versneld en verrijkt curriculum
• belemmeringen in tijd en plaats wegnemen
• vooraf testen, uitsluitend leerstof die nog niet beheerst wordt: leerstof inkorting
• mentor
• begeleiding van school- en beroepsloopbaan.
• vervroegde toelating tot vervolgopleiding
 
overgenomen uit Betts, G.T. & Neihart, M. (1988). Profiles of the Gifted and Talented. Gifted Child Quarterly, 32(2), 248-253. © vertaling: CBO-KUN.


Profiel I
De succesvolle leerling.
Deze leerling werkt hard en levert goede prestaties. Herkenning kan dan ook makkelijk plaatsvinden met prestatietests en andere standaardinstrumenten.

Profiel II
De uitdagende leerling.
Deze leerling vertoont irritant gedrag en kan in de klas behoorlijk lastig zijn. Het herkennen moet meer indirect gebeuren, omdat de scores op standaardinstrumenten onvoorspelbaar uit zullen komen.

Profiel III
De onderduikende leerling.
Deze leerling zoekt het sociale verkeer als een vluchtweg. Bij de groep horen is een belangrijke doelstelling.

Profiel IV
De drop-out.
Deze leerling is behoorlijk ver van het goede spoor geraakt en heeft een vrij intensieve begeleiding nodig om aan het onderwijsproces deel te kunnen (blijven) nemen. De uiteenlopende resultaten laten zien dat deze leerling wel meer kan, maar dat het onregelmatig getoond wordt.

Profiel V
De leerling met leer- en/of gedragsproblemen
Deze leerling valt ook op door inconsistenties. Hier blijkt echter ook in het intelligentieprofiel sprake te zijn van grote schommelingen. Deze leerling is mogelijk partieel begaafd (een significant verschil tussen V(erbaal)IQ en P(erformaal)IQ).

Profiel VI
De zelfstandige leerling.
Deze leerling is het meest evenwichtig van allemaal en herkent men gemakkelijk. Het is voor deze leerling vooral belangrijk dat een aantal belemmeringen uit de weg worden geruimd, zodat hij/zij zich optimaal kan ontwikkelen.

Deze hoogbegaafde leerlingen hebben verschillende vormen van ondersteuning nodig vanuit school. Versnelling en verrijking in verschillende vormen horen daarbij. Ook het contact met ontwikkelingsgelijken (intellectuele peers) kan een positief effect hebben. Eerder hebben deze leerlingen behoefte aan het leren van leer-vaardigheden, het versterken van hun zelfbeeld, goede informatie over school- en beroepskeuze en een goede diagnostisering. Misschien wel het belangrijkste is voor deze groep het ontwikkelen van een vertrouwensband met een persoonlijke mentor. Deze mentor heeft in eerst instantie de taak om individuele projecten te begeleiden, maar speelt daarnaast een belangrijke rol in het ontwikkelen van zelfvertrouwen.
Belangrijk is verder nog te vermelden dat een leerling niet een profiel ‘voor het leven’ heeft. Door interne en externe oorzaken kan hij of zij van het ene type in het andere type veranderen. De leerling kan in negatieve of in positieve zin veranderen. De manier waarop men hem of haar begeleidt dient als gevolg daarvan (en indien nodig) aangepast te worden.

SitemapContact